De boerderijen in Salento laten zien dat er een sterk verband bestaat tussen het leven van de mens, zijn werk en de opbrengst daarvan.
De landbouwbedrijven geven een goed beeld van de economische en sociale situatie van deze streek, en van de landbouwbezetting (agrarische omslag) die plaats vond in de Middeleeuwen. De grote stukken land waren vroeger eigendom van de rijke grondbezitters. De grootgrondbezitters werkten zelf niet op het land, maar lieten arme pachters voor hen werken, waarvan een groot deel van de opbrengst aan de eigenaren moest worden afgestaan. Het andere deel mochten zij zelf houden om hun familie te kunnen onderhouden.
De productie betrof, naast de veefokkerij en de productie van melk en kaas, voornamelijk tarwe, olijven en graan.
Bij alle boerderijen bevond zich wel een toren die voornamelijk bewoond werd door de eigenaar van het land. De toren werd ook gebruikt om een beter zicht te krijgen over de omliggende omgeving. Rondom de toren liep meestal een trap waarmee men een hoogte van 15 a 16 meter kon bereiken. Naast de toren bevonden zich altijd twee tonnen. Een voor de vuile was en de ander voor drinkwater.
In de provincie van Lecce bevinden zich vele boerderijen of landbouwbedrijven, zoals:
Rauccio: deze ligt tussen Surbo Torre Rinalda en heerst over de groene vlakten. Men bemerkt hier nog de restanten van een duiventil en de sporen van een kapel. In 1755 was het klooster eigendom van de Heilige Maagd Maria van Lecce.
Vlakbij bevindt zich de boerderij Barrera. Hier staan twee torens naast elkaar, en zijn beiden voorzien van brede beton balken met schietgaten erin. Deze bevinden zich op dezelfde hoogte als de deuren en ramen.
Een andere boerderij van gelijke betekenis is de boerderij Coccioli. Ondanks dat het inmiddels verlaten is, is het imago van een goedlopend agrarisch bedrijf bewaard gebleven. Er bevindt zich ook een kapel en natuurlijk de toren. Deze is vierkant en heeft een ophaaltrap aan de buitenkant.
Het bedrijf Monacelli is daarentegen bekladt en vernield door vandalisme, en is hierbij beroofd van haar vier symbolen de wapenschilden en van het standbeeld. Onder de grond bevindt zich nog een kamer met een oliemolen (pers). Vanaf dit punt hebben we zicht op de toren met twee verdiepingen en een uitwendige trap van de boerderij Giampaolo. De boerderij wordt in verband gebracht met de grote feodale families van Lecce, waaronder, Federico Tafuri en Gian Domenico Cigala.
Op de weg naar Squinzano komen we aan bij de boerderij Ghietta. Hier staat een toren van twee verdiepingen hoog, en een stijlvol kerkje dat opgedragen is aan S.Maria degli Angeli.
Ook in de omgeving van Nardō stonden vroeger talloze landhuizen. Eén daarvan is Carignano Grande met een kapel en een toren met een cirkelvormig grondvlak. De sierlijke bossage, uit de zestiende eeuw, omlijst de deuren en de ramen. Het huis heeft een typische uitstraling van een landhuis en lijkt helemaal niet op een boerderij of landbouwbedrijf.
Er bevindt zich ook nog een put en een waterreservoir